Geschreven: 1933-1936
Bron:
Nederlandstalige Trotski Bibliotheek 22. Revolutionair-Socialistische Publicaties, Groningen 2007. Door Karel ten Haaf. Facsimile-uitgaven van teksten van Trotski in het Nederlands – De tekst moet oorspronkelijk een brochure geweest zijn, met op de kaft ‘Entrisme’ en het nummer 103, verdere gegevens ontbreken
Deze versie: spelling - de noten in de tekst ontbreken, zodoende is er enkel de opsomming aan het einde van de tekst
Transcriptie/HTML en contact:
Adrien Verlee, voor het Marxists Internet Archive


De Liga staat voor een zwenking
(juli 1934)

1. Het volstaat niet dat een revolutionair juiste ideeën heeft. Laten we eraan herinneren dat correcte ideeën reeds vervat waren in Het Kapitaal en Het Communistisch Manifest. Dit heeft echter niet kunnen beletten dat valse ideeën zich wijd vertakt hebben. Het is de taak van de revolutionaire partij de correcte ideeën te laten samensmelten met de massa van de werkende klasse. Enkel op die manier kan een idee een drijvende kracht worden.

2. Een revolutionaire partij wil niet zeggen: een blad en een aantal lezers. Iemand kan gerust dag in dag uit revolutionaire artikels lezen en schrijven, en in werkelijkheid toch volledig buiten de revolutionaire beweging staan. Iemand kan er best in slagen de arbeidersorganisaties van goed advies te dienen, ... vanuit de zijlijnen. Dat is één zaak; maar het is zeker géén revolutionaire organisatie waar we het dan over hebben.

3. Hoewel de werkomstandigheden in de Komintern nauwelijks normaal te noemen waren, zou de linkse Oppositie, als fractie, zich toch kunnen ontwikkelen hebben in voortdurend contact met de massa’s. Maar de stalinisten hebben de Oppositie van bij haar ontstaan, mechanisch en stap voor stap geïsoleerd. Twee doeleinden werden hiermee gediend: 1° het interne leven van de Komintern werd er volledig door verstikt en 2° de Oppositie werd ontdaan van haar nodige actiesfeer.

4. De Liga werd (zoals ook andere secties) gedwongen zich te ontwikkelen als een geïsoleerde propagandagroep. Dit bepaalde zowel haar positieve kanten (een eerlijke en ernstige gehechtheid aan de principes) als haar negatieve kanten (het observeren van de arbeidersbeweging van buiten uit). In de loop van het uitwerken van de principes en methodes van de Linkse Oppositie behielden de positieve kanten van de Liga de bovenhand. Op dit ogenblik echter, wanneer het erom gaat naar buiten te treden en kapitaal te verzamelen, dreigen de negatieve kanten het te winnen van de positieve.

5. De Ligaleiders hebben de verspreiding van het blad in handen gegeven van een kapitalistisch concern. Voor een groep literatoren is de verspreiding van hun geschriften inderdaad een onplezierige last. Voor een revolutionaire organisatie is het echter een belangrijk werktuig. Hoe kan iemand zulk een belangrijk werktuig in handen geven van de vijand, wanneer men zich ernstig aan het voorbereiden is op de strijd? De revolutionaire beweging krioelt van verschillende honderden soorten van dergelijke ‘oninteressante’ en ‘technische’ klusjes. Zonder gedetailleerd en grondig voorbereidend werk is het onmogelijk een staking te beginnen, laat staan een algemene staking of een opstand. Een revolutionaire organisatie die niet in staat is (of niet bereid is) zelf in te staan voor de verspreiding van het blad, geeft daarmee op voorhand reeds de leiding uit handen van de meer ingewikkelde taken.

6. In haar houding t.o.v. de Socialistische Partij heeft de Liga een onvoldoende initiatief aan de dag gelegd, om niet te spreken van een onverbloemd sektarisme. In plaats van zich de taak te stellen zich binnen de SFIO te vestigen als fractie, van zodra de crisis in deze partij een feit werd, eist de Liga dat elke socialist overtuigd geraakt van de juistheid van onze ideeën en dat hij zijn organisatie zou verlaten om toe te treden tot de groep van La Vérité-lezers. Teneinde een interne fractie op te bouwen ware het nodig geweest de massabeweging op de voet te volgen, zichzelf op de hoogte te stellen van de omgeving waarin men werkt en het gewone dagelijkse werk verder te zetten. Juist in dit beslissende aspect is de Liga niet geslaagd enige vooruitgang te boeken, een paar gunstige uitzonderingen buiten beschouwing gelaten. Een enorme hoeveelheid kostbare tijd is verspild geweest. Na een uitstel van een gans jaar stelt het Politiek Bureau nu pas de taak “een interne fractie uit te bouwen”. Nee! Dit is niet langer voldoende. De situatie vergt ingrijpender maatregelen.

7. De kritieken, ideeën, en slogans van de Liga zijn over het algemeen beschouwd correct, maar in de huidige periode zijn zij uitermate ontoereikend. De revolutionaire ideeën moeten tot leven gebracht worden aan de hand van de ervaringen van de massa’s zelf. Maar hoe kan de Liga erin slagen dit aan de massa’s te expliqueren, wanneer zij zichzelf van deze massa’s geïsoleerd hebben? Wat meer is: verscheidene kameraden zien zelfs de noodzaak niet in van het inpassen van deze ervaring! Ze gaan ervan uit dat het voldoende is een mening te formuleren op basis van enkele krantenknipsels en deze mening neer te pennen in een artikel of te verkondigen in een gesprek. Echter, wanneer zelfs de meest juiste ideeën niet direct de ideeën en actie van de massa’s weerspiegelen, dan zullen ze aan de aandacht van deze massa’s ontglippen.

8. We kunnen dus besluiten dat de Liga failliet is, nietwaar? Dit is een volkomen valse conclusie! De successen van de Liga zijn veel bescheidener dan de meesten van ons gehoopt hadden, veel beperkter dan ze hadden kunnen zijn indien ze niet afgeremd geweest waren door een abstract conservatisme. Maar niettegenstaande deze enorme hindernissen, zijn er ongetwijfeld overwinningen te melden. De Liga heeft bereikt een zekere invloed uit te oefenen op de ideeën en slogans die in de arbeidersbeweging in zijn geheel genomen naar voor gebracht worden (verenigd front, arbeidersmilities, vakbondseenheid). Maar het zijn net deze successen, in overweging genomen samen met de ganse situatie en in het bijzonder de gewijzigde tactieken van het bureaucratisch apparaat, die de Liga noodzaken een beslissende zwenking uit te voeren. Waarheen? Naar de massa’s!

9. De gehele situatie in Frankrijk stelt de arbeidersbeweging voor de taak zich te bezinnen over haar perspectieven op korte termijn: ofwél zal het proletariaat erin slagen het fascisme in de loop van de komende maanden of jaren te vernietigen en enorme stappen voorwaarts te zetten in de strijd om de macht; ofwél zal de arbeidersbeweging zélf vernietigd worden en dan zal gans Europa het strijdtoneel worden van fascistische tirannie en een oorlog! De druk van dit afschrikwekkende alternatief heeft beide arbeidersorganisaties ertoe gedwongen de weg in te slaan van het verenigd front. Maar in al zijn essentie stelt deze grote overwinning de Liga voor het levensgrote vraagstuk: to be or not to be (te zijn of niet te zijn).

10. De gezamenlijke meeting van 2 juli geeft een uitermate duidelijk beeld van de situatie die tot stand gekomen is. Net zoals de Liga dit zo dikwijls naar voor gebracht heeft, heeft de eerste stap naar een eenheidsfront een buitengewoon groot enthousiasme teweeg gebracht bij de massa’s. De mogelijkheid om tot een overwinning te komen via deze weg is onbetwistbaar. En toch hebben noch de stalinisten, noch de socialisten de eenmaking gebruikt om de doelstellingen van de strijd hoger te stellen, maar ze hebben er in tegendeel hun volle energie aan besteed om de massa’s tevreden te stellen met de eenmaking als dusdanig. Gisteren was de ernstigste bedreiging de sabotage van het eenheidsfront. Vandaag ligt het grootste gevaar in de illusies die het eenheidsfront doet ontstaan; illusies die zeer dicht liggen bij deze die men koestert i.v.m. het parlementaire werk: diplomatische nota’s, pathetische toespraken, handjes schudden, kortom een front zonder revolutionaire inhoud en bijgevolg een verraad van de massa’s. Op deze symbolische bijeenkomst geraakte de Liga niet bij het spreekgestoelte. Dit was niet bij toeval: we werden er geconfronteerd met het actieprogramma van deze beide bureaucratieën voor de komende periode.

11. Dit programma kan praktisch enkel verwezenlijkt worden t.g.v. het feit dat de Liga geïsoleerd blijft van de massa’s. De pogingen om deze isolatie te overbruggen door het uitwisselen van diplomatische nota’s met het Centraal Comité of door het aanwezig zijn op sessies van de Socialistische Nationale Raad betekenen niet meer dan wat diplomatiek gestoei met de bedoeling de ongunstige krachtsverhoudingen te camoufleren. Dit is beneden onze waardigheid! De krachtsverhoudingen moeten veranderen en niet verborgen worden. Het is nodig naar de massa’s te gaan. Het is nodig een plaats in te nemen binnen het eenheidsfront, d.w.z. binnen het kader van één van de twee partijen waaruit het samengesteld is. In de praktijk betekent dit binnen het kader van de SFIO.

12. Is dit geen capitulatie voor de Tweede Internationale? Dergelijke klacht kan met méér rechtvaardiging tegen de stalinisten geuit worden. Zij waren het die in 24 uur tijd en op bevel van Litvinov de theorie van het sociaalfascisme lieten vallen toen ze zich gingen realiseren dat ze toch liever de democratie in stand hielden. Ze gingen zelfs zover dat ze alle kritiek op hun nieuwe vrienden voortaan achterwege lieten. Doch wij hebben niets af te zweren! Hooguit hebben we eerlijk te bekennen dat onze organisatie te zwak staat om zichzelf een praktische onafhankelijke rol toe te bedelen in de gevechten die in het verschiet liggen. Tezelfdertijd willen wij als goede revolutionairen niet langs de kant blijven staan. In 1848 trad Marx met zijn zwakke communistische organisatie toe tot de democratische partij. Teneinde niet langs de zijlijnen te blijven trappelen, poogde Plechanov met zijn groep “De Emancipatie van de Arbeid” toe te treden tot de groep “De Volkswil” (Narodnaya Volya), met dewelke hij nog geen vijf jaar daarvoor op principiële basis gebroken had.

Om verschillende beweegredenen en onder verschillende omstandigheden, adviseerde Lenin de Britse KP om tot de Labour Party toe te treden. Wij van onze kant hebben ons bereid verklaard een nieuwe Internationale op te zetten samen met de SAP en de OSP. We hebben er bij onze Britse kameraden sterk op aangedrongen dat ze tot de ILP zouden toetreden en sommige van hen hebben die raad opgevolgd. Was dit een capitulatie? In het geheel niet! We zijn er nu op uit om dezelfde politiek toe te passen en te ontwikkelen in Frankrijk.

13. Nochtans, zal men zeggen, hebben wij er niet op gewezen dat het nodig is een nieuwe partij te stichten en een nieuwe internationale op te zetten? Dit programma blijft in zijn geheel van kracht. Maar wij hebben nooit gezegd dat we ons ergens op ons gemak zouden neerzetten en afwachten tot de 4e Internationale naar ons komt toestromen. We hebben steeds benadrukt dat de middelen om tot de vorming ervan te komen, ingewikkeld zijn en verschillen van land tot land, net zoals dit het geval was bij de vorming van de Derde Internationale. Kameraad Trotski herinnerde ons een jaar geleden in het bijzonder aan het Franse voorbeeld. Daar werd, ondanks de breuk van de bolsjewieken met de Tweede Internationale, de ganse sectie gewonnen voor de Derde. Het is niet onmogelijk dat er een herhaling van het Congres van Tours zal plaatsgrijpen. Integendeel; vele van de aanwezige omstandigheden wijzen in die richting.

14. Maar in dat geval zal de SFIO ons niet aanvaarden?! Het is goed mogelijk dat de grote bonzen ons zullen afwijzen. Maar de lokale afdelingen zullen ons welwillend gezind zijn. Binnen de partij gaat de strijd tussen de tendensen verder. De linkervleugel zal ons sympathiek te gemoet treden en onze banden met deze vleugel zullen verstevigd worden. Bovendien schijnen de gebeurtenissen die zich voordoen in de kaart te spelen van de linkerzijde.

15. Bovendien moeten wij ons dus neerleggen bij de partijdiscipline? Om het duidelijk te stellen: we zullen werken tussen de andere leden en we zullen de discipline in acht nemen. We zullen ons ontwikkelen als een fractie. In ruil daarvoor zal ons de mogelijkheid in de schoot vallen om in contact te treden met tientallen duizenden arbeiders en we zullen het recht verwerven deel te nemen in de strijd en de discussies. Bovenal zal het ons mogelijk worden (en dit is onmisbaar voor ons), onze ideeën en acties te toetsen aan de dagelijkse acties van de massa’s.

16. Maar houdt het toepassen van het entrisme in de SFIO niet het gevaar in van het zwichten voor een opportunistische aanpassing aan het milieu. Zal het niet tot onze degeneratie leiden? Deze kans bestaat inderdaad. Maar het zou naïef zijn te denken dat men aan dit gevaar kan ontsnappen door zichzelf te isoleren. Op dit ogenblik is de Liga onafhankelijk. Maar ongelukkig genoeg blijkt uit de positie die zij inneemt t.o.v. de SFIO, dat er reeds sprake is van een onduldbare aanpassing. Het is niet nodig dat men de SFIO-leiders gaat uitschelden, maar het is wel absoluut nodig dat het gevaar dat de zuiver decoratieve houding t.o.v. ‘de strijd tegen het fascisme’, zoals dit in “l’Humanité tot uitdrukking komt, op ondubbelzinnige wijze aan de kaak gesteld wordt. De arbeidersbeweging staat hier tegenover de doodsvijand, die op alles voorbereid is en die zich als het erop aan komt, tot de tanden zal bewapenen. De arbeidersvoorhoede moet in haar eigen rangen en in bredere lanen van de beweging een onwankelbare strijdvaardigheid, een ijzeren wil, de revolutionaire discipline en een militaire vechtlust tot ontwikkeling brengen. Af en toe eens een parade, of een demonstratie die door de politie toegelaten is, benevens andere symbolische acties, kunnen enkel tot gevolg hebben dat de waakzaamheid van de werkende klasse in slaap gewiegd wordt. Wat er nodig is, is een strijdorganisatie: gestaalde bataljons, instructeurs en officieren zijn onmisbaar. Het is nodig de vijand te ontwapenen en hem van de straat te ranselen, hem te terroriseren. De taak van de Liga bestaat erin, of zij nu onafhankelijk blijft of toetreedt tot één van de partijen van het eenheidsfront, met de grootste aandrang te eisen dat aan de arbeiders in een klaar en duidelijke taak zou uitgelegd worden hoe de situatie er voor staat en welke de taken zijn waarmee zij geconfronteerd worden.

17. Wat zal in deze optiek onze houding moeten zijn t.o.v. de Communistische Partij? D.m.v. het eenheidsfront zullen wij er in nauwer contact mee treden dan ooit tevoren. We moeten duidelijk voor ogen houden dat de KP er enkel zou in kunnen slagen de SFIO tot ontbinding te brengen, op een manier dat de revolutie er niet mee zou gebaat zijn. Dit is bv. het resultaat geweest van de coalitie tussen de KP en de ILP in Groot-Brittannië. Maar wanneer wij erin zouden slagen op een efficiënte manier naar buiten te treden, dan zouden wij een gelegenheid van onschatbare waarde krijgen om de arbeiderskern van de KP te beïnvloeden, op zulk een manier, dat er een machtige kern van de Vierde Internationale uit zou kunnen voortvloeien.

18. Maar de arbeiderspartij moet toch haar onafhankelijkheid bewaren? Dit is juist. Maar de Liga is nog geen partij. Het is een embryo en een embryo heeft dekking en voeding nodig om in leven te kunnen blijven.

19. Maar... en dan... en indien? Het is onmogelijk alles bij voorbaat op een onwrikbare manier te voorzien. Wat nodig is, is dat men de toestand duidelijk onderkent, dat we onze taken bepalen en ernaar toe werken om ze te vervullen. Binnen enkele maanden kunnen de mogelijkheden die zich nu voor ons openen verloren gaan. We moeten in dit opzicht ons perspectief op korte termijn scherpstellen.

20. Om te besluiten: de Koran zegt dat de berg naar de Profeet kwam. Het marxisme echter, raadt de profeet aan zelf naar de berg toe te stappen.