Nederlandse verkiezingen: neoliberale wolven in linkse schaapskleren

De kruitdampen zijn opgetrokken. Een politieke aardverschuiving - zo lijkt het - is een feit. Zeker aan de linkerkant was de opkomst van de PVV een bron van zorg. Verrassend was het imploderen van het CDA. De terugval van de SP van 25 naar 15 zetels was verwacht maar niet minder pijnlijk te noemen. Conclusie: de Nederlandse kiezer heeft vooral voor het midden en voor rechts gekozen.



Door: Rick Denkers

Die keuze wordt door veel politieke analisten gezien als een logisch antwoord op de economische crisis. Dat is een achterafwijsheid die gretig door het journaille is overgenomen als verklaring. Maar wie het afgelopen half jaar beschouwt komt als snel tot de conclusie dat het niet zo eenvoudig is. Zo stond de VVD tijdenlang beroerd in de peilingen, evenals de PvdA. Aan de rechterkant stond de PVV lang hoog in de peilingen: 30 tot 33 zetels, virtueel. In het midden was de rijzende ster van de D’66 die lang schitterde aan het politieke firmament.

Tot vlak voor de verkiezingen.

In de laatste twee maand maakte zowel de VVD als de PvdA een indrukwekkende inhaalslag. De VVD wist veel van zijn verlies aan de PVV goed te maken, maar tegelijk wist de VVD ook veel stemmers van de rechterflank van het CDA weg te lokken. Ondanks de zware concurrentie van de VVD hield de PVV echter stand: zij trok met name de voormalige achterban van de PvdA - die in 2006 nog massaal op de SP gestemd hadden - aan.

De PvdA is een verhaal apart. Normaal geldt in Nederland de ijzeren politieke regel: ‘wie breekt, betaalt’. Ondanks het feit dat de PvdA het vorige kabinet liet vallen, vertaalde zich dat niet in een afstraffing van de kiezer. Een unicum in Nederland. De PvdA had wél veel last van de principiële houding van de D’66 tegenover de PVV. De D’66 trok in het jaar voorafgaande aan de verkiezingen veel potentiële keizers van de PvdA aan, die hun eigen partij ’té slap’ vonden. De D’66 wist met haar charismatische voorman Alexander Pechtold de weg omhoog te vinden na de afstraffing van 2006, maar helaas ‘piekten’ zij té vroeg en zagen de virtuele winst in het laatste half jaar letterlijk verdampen.

Politiek pokeren
In de dagen na de verkiezingen werd er stevige druk op de VVD uitgeoefend om maar vooral met de PVV een regering te gaan vormen. Onder aanvoering van de zich steeds openlijker met de politiek bemoeiende krant de Telegraaf verschenen er artikelen met chocoladeletter-koppen waarin de zegeningen van een combinatie PVV-CDA-VVD breed werd uitgemeten.

Maar het was vanaf de meet af aan duidelijk dat het CDA niet zat te wachten op een deelname aan een dergelijk kabinet. Dat zou té rechts zijn en zij zouden er als ‘vijfde wiel aan een wagen’ bijzitten. Bovendien waren met name de CDA-leiders uit het land fel gekant tegen een kabinetsdeelname. Dat paste niet bij een verkiezingsuitslag als deze, zo wist een invloedrijke CDA-er te melden. ‘Het CDA dient te recupereren en haar positie te herbezinnen. Niet langer kan het CDA rekenen op een vaste achterban. We zullen moeten knokken om onze kiezers weer aan ons te binden. Dat proces kost tijd’, zo concludeerde Henk Bleker, waarnemend voorzitter van het CDA, en voormalig Gedeputeerde in Groningen.

Ook de VVD zat niet te springen om een deelname aan een kabinet met de zeer rechtse PVV. Voor de VVD geldt eigenlijk hetzelfde als voor de PvdA vier jaar geleden. Toen kon de PvdA ook niet in een regering stappen met de SP; hoewel die laatste daar volgens de verkiezingsuitslag recht op had. De reden is simpel. Elke ‘rechtse’ overwinning kan gemakkelijk door de PVV geclaimd worden, de VVD als ‘middenpartij’ zou machteloos moeten toezien hoe de PVV dan de ‘show’ zou gaan stelen. Het is opvallend overigens om te constateren dat exact hetzelfde scenario gebruikt werd om de PVV buiten de deur te houden als dat er gebruikt werd 4 jaar geleden om de SP buiten de deur te houden. Beide partijen ‘kregen’ zogenaamd een uitnodiging om mee te praten en terwijl van te voren al vast stond dat beiden niet in de regering mochten komen. Vervolgens werden er ‘breekpunten’ geformuleerd, en opzichtig gemanoeuvreerd op een dusdanige wijze dat de PVV en de SP met zachte hand via de zijdeur afgevoerd werden. Het was een spelletje politiek pokeren voor gevorderden.

Dan maar een middenkabinet?
Toen de rechtse pers doorkreeg dat een rechts kabinet niet tot de mogelijkheden behoorde, begonnen zij luidkeels een lans te breken voor een zogenaamd ‘middenkabinet’ - dat is een regering bestaande uit VVD, CDA en de PvdA. Maar daar kleven voor de PvdA weer praktische bezwaren aan. Zij zouden dan in een regering stappen waar de VVD en het CDA het op veel punten eens zijn en de PvdA zou vrij eenzaam staan in har opvattingen. Niet een benijdenswaardige positie dus; een die zeker zou gaan leiden tot een afstraffing over 4 jaar. De PvdA voelt immers nog altijd de hete adem van de SP - die niet meer socialistisch te noemen is maar sociaal-democratisch - in haar nek.

Ook tegen een ‘midden kabinet’ kleven bezwaren voor het CDA. Zij zijn immers de grootste verliezer van de verkiezingen. Sterker nog, ze zijn gedecimeerd. Dan past het gewoon niet om in een regering te gaan zitten. Het CDA heeft bovendien goede ervaringen opgedaan in de 90-er jaren van de vorige eeuw om terug te komen vanuit een oppositierol. Bovendien hebben zij met Camiel Eurlings een charismatische leider in hun midden die het zeer goed doet bij het katholieke smaldeel binnen het CDA. Een wisseling van de wacht met een ‘katholiek’ past ook binnen de traditie van het CDA. Deze partij is een fusiepartij tussen katholieken en protestanten en men heeft de gewoonte om ‘om en om’ een leider te leveren. Nu zijn de katholieken weer aan de beurt, na Balkenende. Maar Eurlings zal moeten kunnen groeien in zijn rol, en dat doe je nu eenmaal beter als oppositiepartij.

De conclusie was dan ook snel getrokken: een middenkabinet in Nederland is niet in de lijn der verwachting.

Links is ook mogelijk
Hoewel de SP flink heeft verloren (-10 zetels) is zij nog altijd een machtsfactor binnen de Nederlands politiek. De SP wil graag kennismaken met het Haagse pluche; zo veel was in 2006 al duidelijk. Op weg naar de verkiezingen van 2006 liet de SP dan ook haar laatste socialistische standpunten vallen ter faveure van de sociaal-democratische opvattingen. Dit alles in de hoop dat daarmee de SP ‘salon-fähig’ zou worden.

Maar net zoals in 2006 lijkt niemand de SP als een begerenswaardige bruid te zien. Hoewel de SP de laatste drie weken ijverden om een mogelijkheid tot een links kabinet bespreekbaar te maken lijken met name de D’66, GroenLinks en de PvdA daar niets voor te voelen. De reden hiervoor is vrij eenvoudig. De SP heeft niet een beste track-record als het gaat om het leveren van bestuurders. Zij is eigelijk pas sinds 4 jaar bezig om een ‘bestuurders-klasse’ binnen haar gelederen te vormen. Maar op lokaal niveau zien we té veel potentiële breke-benen. SP-ers die niet de ervaring of kunde, noch de opleiding hebben, stappen rücksichtslos in een lokale coalitie, waarin zij ‘getolereerd’ worden door de andere partners. Op lokaal niveau is een dergelijk experiment wel te doen; bij een val van een College van B&W behoeft er in Nederland namelijk geen nieuwe verkiezingen uitgeschreven te worden; dit in tegenstelling tot een val van een kabinet. Op landelijk niveau is een dergelijk avontuur dus uitgesloten; dat heeft ons het debacle van Balkende -1 wel bewezen. En daarmee moet de SP toestaan dat zij graag wil, maar niet kan.

Onduidelijk paars
De enige reële optie in Nederland is een zogenaamd paars-plus variant. In de 90-er jaren hadden we in Nederland een regering bestaande uit VVD, PvdA en D’66. deze werd paars genoemd. Om in het huidige parlement aan een meerderheid te komen moet daar GroenLinks bijgevoegd worden. Paars-plus dus.

Van de vier betrokken partijen lijken daar 3 veel voor de voelen. Alleen de VVD is huiverig om in een dergelijke combinatie te stappen. Zij zouden dan als enige ‘rechtse’ partij in een regering zitten. Dat gaat tot verwatering van de VVD standpunten leiden, zo is het oordeel van veel lokale VVD-leiders. De positie van de VVD is dus een beetje vergelijkbaar als die van het CDA in een rechtse coalitie. Maar waar CDA-prominenten mordicus tegen een rechtse regering zijn, lijkt het bij de VVD-prominenten vooral bij een huivering te blijven. Het realisme, hoe vervelend ook voor de VVD, moet onder ogen gezien worden en het is de enige optie om tot een stabiele regering te komen.

Paars is een roodachtig blauwe (of blauwachtig rode) kleur waarvan de grenzen niet duidelijk vastliggen. De kleur die de meeste mensen paars zullen noemen ligt ergens tussen violet en magenta en is daarmee een extraspectrale kleur. Een ‘paarse coalitie’ is net zo onduidelijk is de kleur; het zal vlees noch vis zijn. Of toch niet?

Rechts heeft toch gewonnen
Wie de standpunten van de betrokken partijen beziet - en dat met een socialistische bril op doet - schrikt zich een hoedje. Er is weinig tot niets links te ontdekken aan Paars plus. Goed, Groenlinks heeft zich dan wel verklaart tot een tegenstander van de monarchie en wijst zij een deelname aan de NAVO af, maar dat is in Nederland onder de noemer van ‘symboolpolitiek’ te scharen. Het zullen zeker geen breekpunten bij een regeringsvorming zijn. Zowel het partijprogramma’s van de D’66 en de PvdA hebben bleke neuzen als het gaat om linkse standpunten.

Een voorbeeld. De PvdA noemt in haar verkiezingsprogramma 1 mei wel als feestdag voor de arbeiders, maar komt niet verder dan uitleg wat het is - in Nederland noodzakelijk mogen we inmiddels we vaststellen - maar zegt niet te ijveren om 1 mei tot een feestdag voor de arbeidersklasse te maken. GroenLinks en de D’66 noemen het zelfs niet eens. Voor deze partijen blijft de glorie van arbeidersgenot toch echt koekhappen op koninginnedag.

Een ander voorbeeld is bijvoorbeeld de hypotheekrente aftrek. ooit ingevoerd om de arbeider in staat te stellen en huis te kopen. De regeling is, zoals zo veel regelingen in Nederland, volkomen scheef gegroeid. En dus schaffen we hem maar af, is het adagium van D’66, GroenLinks en de PvdA. Dat in plaats van de regeling bij te stellen zodat de lagere inkomens in Nederland gewoon een huis kunnen blijven kopen. Alle drie de partijen ‘verwachten’ dat door een geleidelijke afschaffing van de hpotheekrente-aftrek de huizenprijzen zullen gaan dalen en dat op die manier de markt weer aantrekkelijker wordt voor starters. Een volkomen utopische gedachte; aangezien verhuren dan een een financieel aantrekkelijkere optie wordt voor huizenbezitters. Of men zal domweg niet meer gaan verkopen. We zien de eerste keiharde resultaten al: de verkoop van woningen in Nederland is de afgelopen 3 maanden volkomen in elkaar gestort. Veel kopers zien af van kopen en gaan huren uit angst voor wat er komen gaat. De situatie is zelfs zo ernstig op dit moment dat zelf demissionair minster van Defensie van Middelkoop zich met de discussie bemoeide!

Gek maar waar: de VVD is juist voorstander van behoud van de hypotheekaftrek. De drie andere partijen hebben inmiddels al laten weten dat zij dit niet tot breekpunt zullen maken. De VVD staat te juichen.

Of wat dacht u van de zondagssluiting? Juist het feit dat er op een dag in de week ‘ademruimte’ is voor andere activiteiten houdt veel kleine middenstanders op de been en letterlijk in de centra van onze steden. Een afschaffing van deze zondagssluiting is juist nadelig voor deze kleine middenstanders en gunstig voor de grootwinkelbedrijven. De PvdA en D’66 en GroenLinks zijn voor verruiming. De VVD staat te juichen.

‘Er is nog veel winst te behalen door flexibilisering van arbeidsuren en arbeidsplaatsen’, staat letterlijk in het partijprogramma van de PvdA. ‘De arbeidsovereenkomst zonder tussenkomst van derden te laten ontbinden. Voor ontbinding is geen voorafgaande toestemming meer nodig van de rechter of het CWI’, zo lezen we in het programma van de D’66. De VVD staat te juichen.

Ook op het gebied van de werkeloosheidsuitkeringen waar veel mensen door de door het grootkapitaal uitgelokte economische crisis van gebruik moeten maken komen we bij de drie ‘linkse’ partijen tot de volgende conclusies:

D’66: WW inkorten tot één jaar, maar wel met hogere uitkering.
GroenLinks: WW bekorten tot maximaal één jaar, maar wel met hogere uitkering
PvdA: werkgevers en vakbonden worden verantwoordelijk voor de uitvoering van de eerste periode WW. Hoogte en duur van de uitkering blijven onveranderd.

Opnieuw kan de VVD juichen.

U begrijpt: we kunnen vrijwel elk traditioneel links standpunt langsgaan, enkel om te ontdekken dat er op zijn minst consensus mogelijk is met de VVD. Vandaar dat deze 4 partijen zich zo gemakkelijk vinden op de meeste standpunten, ondanks het feit dat paars-plus niet als eerste maar als derde optie gezien werd. In de meeste gevallen huldigen de drie ‘linkse’ partijen al neo-liberale standpunten.

En daarmee kunnen we de bittere conclusie trekken dat we drie ‘neoliberale’ wolven in ‘linkse’ schaapskleren hebben. Of, om maar vrij naar voormalige minster-president Balkende te verwijzen: het zuur is voor de arbeidersklasse; het zoet voor het grootkapitaal.

Oudere artikelen




marxist klassiekers hovthumb steun_vonk_financieel_button mia-klein